Tag: glutenvrij recept

Het recept voor een glutenvrij notenbrood

recept glutenvrij notenbroodglutenvrij brood

Een handig recept voor een glutenvrij notenbrood. Makkelijk om mee te ontbijten en altijd handig om mee te nemen. Door het gebruik van heel veel noten én gedroogde vruchten is het brood zeer voedzaam en vezelrijk. Iets dat bij een glutenvrij dieet natuurlijk heel belangrijk is.

Naast alle gezondheidsvoordelen van noten in je brood is dit ook gewoon een waanzinnig lekker alternatief voor de wat meer conventionelere glutenvrije broodjes. Ik zit na een zo’n plak altijd al aardig vol en als ik weet dat ik een drukke week voor de boeg heb dan maak ik in het weekend altijd graag dit brood. Sta ik op het punt om ‘om te vallen’ dan hoef ik alleen maar snel zo’n snee brood te pakken en dan heb ik meteen weer energie voor tien. Veel gezonder dan een kant en klare muesli reep en veel lekkerder. Vooral als je er ook nog een dikke lading pindakaas overheen smeert. #nomnomnom

Ingrediënten:

2 a 3 eetlepels gemalen lijnzaad
3 el lauw warm water
150 gram rijstmeel
100 gram havermeel
100 gram boekweitmeel
100 gr rozijnen (geweekt)
200 gram gemengde noten
75 gram havervlokken
1,5 tl bakpoeder
350 ml amandelmelk ongezoet kamertemperatuur
snufje zout
1 tl kaneel

Aanwijzingen:

Verwarm je oven alvast voor op 200 graden.

Meng eerst het fijngemalen lijnzaad met het water en laat dit even staan tot er een gel achtig mengsel ontstaat. Meng in een grote kom eerst alle melen tot een fijne mix. Zeef alles even goed door en voeg ook het bakpoeder toe. Voeg nu ook de noten, rozijnen en de havervlokken toe. Dan de kruiden en smaakmakers. Op het laatst mag de amandelmelk er ook bij en uiteindelijk ook het lijnzaad mengsel. Probeer alles zo goed mogelijk te mengen. Bekleed een broodbakvorm met bakpapier of vet hem in met kokosolie. Wanneer je hem invet bestuif dan ook altijd even de zijkanten en bodem met een glutenvrij bloem. Spatel je brooddeeg zorgvuldig in je bakvorm en druk deze met natte handen nog even voorzichtig aan. Zorg dat het brood mooi verdeelt in je vorm zit. Plaats het brood in het midden van je oven en bak deze in zo’n 45 minuten goudbruin. Draai de oven na het plaatsen van je brood terug naar 190 graden. Door de oven op 200 graden voor te verwarmen compenseer je voor de warmte die ontsnapt bij het plaatsen van het brood. Daarmee houdt je gedurende de baktijd een constante baktemperatuur. Het brood moet helemaal afkoelen voordat je hem mag gaan snijden. Het brood blijft zo’n 5 dagen goed maar je kunt er natuurlijk ook voor kiezen om een gedeelte in te vriezen.

Gebruik dit recept vooral als een basis recept en varieer eens met de ingrediënten. In plaats van rozijnen gebruik ik ook graag cranberries of gedroogde steenvruchten. De noten kun je ook vervangen met een mengsel van zaden en pitten. Soms vervang ik het lijnzaad papje door 3 hele rijpe gepureerde bananen, ook een lekkere ei-vervanger! Of voeg geraspte wortel toe en wat speculaaskruiden.

*Er staan trouwens nog veel meer glutenvrije brood recepten op dit blog. Neem ook eens een kijkje bij alle andere recepten (klik hier)

gevulde speculaastaartjes

Ik weet ‘t ! Sinterklaas is voorbij. Maar ‘ik’ en speculaas gaan ‘way back‘. En we gaan ook ‘way forward‘ want volgens mij mogen speculaaskruiden helemaal tot aan de lente. Niets doet keukens beter ruiken dan versgebakken speculaasjes. In de ochtend eet ik graag een kom glutenvrije havermoutpap en raad eens wat ik daar overheen gooi!? Jazeker, speculaaskruiden! Samen met wat pecannoten en biologische rozijntjes is dat een van mijn favoriete ontbijtjes. Nu wij samen wel hebben vastgesteld dat ik dus best veel voor speculaas voel en ik ook nooit zal accepteren dat deze lekkernij na 5 december niet meer schijnt te mogen. (boycotten die handel)! Een recept voor gevulde speculaas extravagante! Dit zijn namelijk geen koekjes meer, dit zijn taartjes! Met een vulling van zelfgemaakte spijs en sinaasappeljam,  (citrus en speculaas doen echt iets heel speciaals samen), is dit toch wel een van mijn favoriete taart-achtige. Heel ordinair noemen we het misschien een gevulde koek. Maar dat zou toch te min zijn. Als je een beetje van de schok bent bekomen en voorbij durft te gaan aan het feit dat ik natuurlijk stiekem een beetje te laat was met het plaatsen van dit recept. Dan daag ik je uit om het tóch eens te proberen. Niet wachten tot volgend jaar hoor! Dat is veel te lang. En die tip van de speculaaskruiden over de havermoutpap… die moet u ook beslist eens uitproberen.

 


gevulde speculaastaartjes

Verwarm je oven voor op 175 graden
Ingredienten:
  • 75 gram ongezouten roomboter (kamertemperatuur)
  • 150 gram glutenvrije bloem
  • 75 gram suiker (kokosbloesemsuiker is lekker)
  • 1 tl bakpoeder
  • Het merg van 1 vanillepeul
  • 3 tl speculaaskruiden
  • 
1 eitje (klein formaat)
  • 
snufje zout
  • ongeveer 150 gram amandelspijs (zelfgemaakte is altijd lekkerder)
  • sinaasappeljam
  • amandelschaafsel
Aanwijzingen:
  1. Mix de boter, samen met het ei en de suiker tot een luchtige massa.
Voeg nu ook de glutenvrije bloem en de rest toe, vergeet de speculaaskruiden niet!
  2. Blijf kneden tot er een soepel deeg ontstaan is. Laat het deeg even rusten in de koelkast.
  3. Verwarm de oven voor op 175 graden.
  4. Vet je vormpjes in met boter of kokosolie.
  5. Verdeel het deeg in 12 gelijke stukjes.
 Boetseer van elk bolletje deeg een rondje van gelijke grootte. Dat zijn er dus 6 voor de bodem en 6 als dekseltje.
  6. Bekleed elk vormpje met een lapje deeg en druk voorzichtig aan tot een mooie bodem. 
Doe in elk taartvormpje nu ook een theelepel (of meer) sinaasappeljam en verdeel gelijkmatig.
  7. Verdeel dan de spijs in 6 gelijkmatige stukjes en maak rondjes van dezelfde grootte. Plaats ze op de jam.
  8. Nu kun je de taartjes afdekken met de 6 overgebleven rondjes deeg. Druk voorzichtig aan zodat ze overal mooi sluiten.
 Laat de jam nog even staan en zet ook een kwastje en het amandelschaafsel klaar.
  9. De taartjes mogen zo’n 20 minuten in het midden van de oven.
 Smeer ze dan nog even met de jam en strooi er wat amandelschaafsel overheen, plaats de taartjes nog zo’n 10 minuten terug in de oven.
  10. Laat de taartjes goed afkoelen voordat je ze uit de vormpjes gaat halen. Het is een broos gebak en je wilt niet dat ze breken.
 *Ook lekker met een bolletje vanille ijs!

Spring roll, vegetarisch én glutenvrij

springroll

Ik was laatst in de Foodhallen in Amsterdam. Helaas is niet alles glutenvrij en al helemaal niet vegetarisch, maar ik deed wel enorm veel inspiratie op voor thuis. Zo ook deze Vietnamese spring roll of lente rolletjes. Je maakt ze met vellen van rijstmeel. En die zijn (bijna altijd) glutenvrij verkrijgbaar. Normaal vul je zo’n rolletje naast knapperige groente en rijstnoedels met garnalen of vlees. Ik gebruik daarom een van mijn favoriete vleesvervangers. Quornstukjes. Deze vleesvervanger gemaakt van een smaakvolle schimmelcultuur is qua structuur bijna vergelijkbaar met kip. De stukjes naturel zijn glutenvrij maar kunnen wel sporen bevatten. Als je dus echt ontzettend gevoelig bent kun je ze beter weglaten. Ik heb er zelf overigens nog nooit last van gehad.

We gaan eerst alle ingrediënten klaarzetten. Ik gebruik; komkommer, wortel, rijstnoedels, quorn, radijs, en verse munt. De rijstvellen bewaar ik voor ‘t laatst omdat ik heb gemerkt dat ze snel weer uitdrogen en dan moeilijker te ‘rollen’  zijn. Als je alles klaar hebt staan gaan we de rijstvellen in koud water weken. Volg gewoon de instructies op de verpakking. Leg ze daarna in een vochtige theedoek en vouw/rol de ingrediënten tot een mooie spring roll. Vergeet niet om eerst het blaadje munt neer te leggen, dat ziet er namelijk ontzettend smakelijk uit. Serveren doe je met een glutenvrije soja saus. Ik gebruik die van terrasana, verkrijgbaar bij de glutenvrijemarkt.com  Je kunt ook een beetje limoensap met sesam-olie en verse rode peper mengen. Erg lekker! Doe er ook nog wat geraspte verse gember in en je weet niet wat je proeft.Dit recept is naast lekker én voedzaam ook nog eens hartstikke gezond. Ik ga ze zeker vaker maken. De springroll moet je kraakvers opeten. Bewaren is gewoon niet lekker. Maar aangezien ze zo lekker zijn, is dat vast geen enkel probleem :-)

glutenvrije mini tompoucen

mini tomouce

Ik zal eerst iets bekennen.
Mijn banketbakkersroom was eigenlijk bedoeld voor het vullen van eclairs. There, I said it!
Ik ben niet zo’n soesjesfan maar het idee van zo’n mooie eclair gevuld met room en afgewerkt met chocolade, ik had er gewoon een keer zin in :-)
Ik had nog nooit soezen gemaakt. Ik vond online een glutenvrij recept dat foolproof had moeten zijn maar deze fool is waarschijnlijk van een andere kaliber.
Mijn soezen of eclairs kwamen als natte pannenkoeken, geurend naar veel te veel ei uit de oven, niks luchtigheid.
Ik heb nog geproefd maar behalve de smaak van ei kon ik er geen soes in ontdekken. Ik bleef dus achter met een bak vol verse banketbakkersroom en chocolade. Lucky me!
Gelukkig had ik nog wat glutenvrij bladerdeeg liggen, van Lieke is Vrij. Die is biologisch en heel erg handig in gebruik.
En zo werd mijn mini tompouce geboren. Ik ga vast nog een eclair-poging wagen. Maar voor nu ben ik erg blij met de meest schattige tompoucen die ik ooit heb gezien.

Voor de banketbakkersroom

2,5 dl amandelmelk (of volle biologische melk)
50 gram suiker
verse vanille
25 gram rijstebloem
2 eierdooiers

Voor de tompoucen

2 plakjes glutenvrij bladerdeeg
pure chocolade
kokosolie of roomboter

Eerst mag je de melk met het merg van je vanillestokje en peul, plus 25 gram suiker op het vuur zetten, het mag nog net niet gaan koken.
Ondertussen meng je in een kom de eierdooiers met de andere 25 gram suiker, de rijstebloem en een klein scheutje amandelmelk tot een soort van papje. Goed door kloppen.
Nu haal je de pan even van het vuur en haal je de vanille peul er weer uit.
Voeg langzaam je papje toe terwijl je blijft roeren en breng het mengsel weer langzaam aan de kook. Laat het nog zo’n 3 minuten doorkoken op laag vuur, blijven roeren! Je ziet dat het nu dikker word.
Dek je room af met plastic folie en laat opstijven in de koelkast.
Je kunt de room dus ook al een dag van te voren maken.

Snijd je bladerdeeg in kleine stukjes, 9 a 12 per plakje.
Prik er heel veel kleine gaatjes in en bak ze op vochtig bakpapier zo’n 10 minuten op 180 graden in de oven. Soms hebben ze ietsje langer nodig, het hangt van je oven af.
Gaan de plakjes toch nog teveel rijzen prik ze dan gerust nog eens lek. Je wilt zo min mogelijk gekke luchtbollen. Ik draai ze halverwege nog even om.

Als je bladerdeeg is afgekoeld kun je twee dingen doen. Je kunt ervoor kiezen om simpelweg twee plakjes per tompouce te gebruiken maar je kunt ook een zo’n plakje door midden snijden. De mijne waren namelijk nog best veel omhoog gekomen en ik kon ze gemakkelijk los snijden tot twee helften. Hierdoor is mijn tompouce makkelijk eetbaar en hij ziet er gewoon beter uit.

Men neme dus twee helften bladerdeeg, met eenàspuitzak of gewoon met een lepel, verdeel je de banketbakkersroom over je bladerdeeg. Ik denk zo’n 3 à 4 theelepels per tompouce, met een klein mesje strijk je de room een beetje egaal. Plaats voorzichtig de bovenkant er weer op en druk dan heel zachtjes even aan.
Het overtollige room aan de zijkanten kun je met je mesje weer een beetje wegstrijken. Een soort van metselen.

Zet ze even weg in de koelkast.

De chocolade, zo’n 70 gram, smelt je samen met een tl kokosolie au bain marie, dus op een pannetje met water, tot een mooi glad glazuur. Hiermee kun je de tompouce decoreren.
Je kunt de glazuur in een siliconen spuitzakje doen, heel handig en gezien bij de Hema. Maar een plastic zakje kan natuurlijk ook. Je knipt er dan gewoon een heel klein hoekje vanaf, een gaatje eigenlijk. Hiermee trek je fijne lijntjes. Wel eerst even oefenen want het is nog best lastig.

En toen waren er en hele hoop mini tompoucen, en die mogen allemaal op! Je kunt er natuurlijk ook een paar invriezen ;-)

Liefs van Emmelou

 

Een glutenvrij vlechtbrood

In de kast vond ik een boekje met recepten dat ik ooit van mijn schoonmoeder cadeau kreeg. Toen ik het doorbladerde, vond ik ook een aantal eenvoudige broodrecepten, waaronder een recept voor vlechtbrood. Dat moet ik toch ook glutenvrij kunnen maken, dacht ik.
Het was even puzzelen, want welke meelsoorten en bindmiddelen gebruik je om tarwebloem te vervangen? Het moest in ieder geval een goed kneedbaar deeg opleveren, zoveel was me wel duidelijk. Er kwamen uiteindelijk twee pogingen aan te pas. Het eerste vlechtbrood was prima van structuur maar de smaak liet nog wat te wensen over. Ik paste het recept links en rechts een beetje aan en voilà: mijn eerste echte glutenvrije vlechtbrood! En eigenlijk is het niet eens zo moeilijk.
Daar gaan we dan! Wat haal je in huis:

  • 250 gram glutenvrij zelfrijzend bakmeel
  • 100 gram tapiocameel (echt het MEEL gebruiken, géén tapiocazetmeel! Verkrijgbaar bij een Toko)
  • 80 gram volkoren rijstemeel
  • 20 gram aardappelmeel (ook hier geldt: gebruik echt het meel, niet het zetmeel!!)
  • 20 gram Fiber Husk
  • 8 gram xanthaangom
  • 9 gram instant gist
  • 1 theelepel bakpoeder
  • 1 theelepel baksoda
  • Snufje zout
  • 1 theelepel suiker
  • 1 dessertlepel honing (of twee theelepeltjes)
  • 1 theelepel appelazijn
  • 45 gram neutrale olie (ik gebruikte rijstolie, maar een milde olijfolie of druivenpitolie is ook prima)
  • 350 ml handwarm water
  • Als je wilt: 1 eidooier vermengd met een beetje water om het brood af te strijken
  • Maanzaadjes om te bestrooien

Dit is hoe het gaat:
De gist doe je samen met de suiker en een deel van het water (ongeveer de helft) in een aparte kom. Klop even door met een garde totdat de klontjes verdwenen zijn en laat ca 10 minuten staan.
In een andere kom meng je de droge ingrediënten. Meng heel goed, zodat de xanthaangom en de rijsmiddelen goed over het meel verdeeld zijn. Vorm een bergje van het meel en maak een kuiltje in het midden. De geactiveerde gist giet je in het kuiltje. Meng een beetje met wat meel zodat er een dik papje ontstaat in het kuiltje en laat zeker tien minuutjes rusten.
Je zult zien dat de gist meteen zijn werk gaat doen! Na de rusttijd mag de appelazijn, de olie, de honing en de rest van het water erbij. Meng het geheel goed  (tot het bij elkaar komt) en kneed het met je handen tot een stevig deegje. Als het goed is, merk je dat het deeg nauwelijks plakt. Haal het deeg uit de kom en leg het op een (schoon!!) werkvlak. Bestuiven met meel is niet nodig.
Het deeg ga je nu heel goed kneden. In normaal –glutenvol- deeg is het kneden noodzakelijk om de gluten te activeren, zodat je een mooi en soepel deeg krijgt. Gluten hebben we natuurlijk niet, maar wel de xanthaangom die ongeveer dezelfde functie vervuld en ook min of meer hetzelfde werkt: hoe beter je het deeg kneedt, hoe soepeler je deeg en hoe beter de structuur.
Ik geloof dat ik me bijna tien minuten heb uitgeleefd op het deeg voor ik tevreden was. Goed, als je deeg lekker doorgekneed is, verdeel je het in drie gelijke stukken (ca. 300 gram per stuk). Elk stuk heb ik nog eens apart gekneed. Daarna rolde ik er slangetjes van. Vlecht de deegstrengen en boetseer de uiteinden aan elkaar. Dat gaat het gemakkelijkst met een beetje water.
Als dat allemaal gelukt is, bekleed je een bakplaat met bakpapier en verwarm je je oven voor op zo’n 40 graden. Je kunt natuurlijk ook een warme plek zoeken in huis!  Het gevlochten deeg leg je op de bakplaat. Bekleed het losjes met wat huishoudfolie en een natte doek. Laat het brood minimaal anderhalf uur rijzen, twee uur is misschien zelfs beter.
Als het brood gerezen is, verwarm je de oven voor op 180 graden. Als je wilt, kun je de bovenkant van het brood afstrijken met een mengsel van eidooier en water. Daarna bestrooi je het met flink wat zaanmaadjes…ehm….maanzaadjes dus.
Bak ongeveer een uurtje, maar blijf er wel bij! Vergeet nooit dat mijn oventijden en –temperaturen een richtlijn zijn!
Laat het brood echt even afkoelen voor je het snijdt. Geniet ervan!

 

*Door Suzy Do